Voorlichtingscampagne gevaarlijke stoffen grafimedia

De sociale partners (KVGO, ZSO, FNV Media & Cultuur en CNV Vakmensen, de Unie) willen het gebruik van schadelijke stoffen (w.o. oplosmiddelen) in de branche daar waar mogelijk en verantwoord terugdringen. Teneinde een gedegen VGW-beleid (VGW = Veiligheid, Gezondheid en Welzijn) te kunnen nastreven zijn door de sociale partners al in 1995, via het Arboconvenant Grafische Industrie en Verpakkingsdrukkerijen, afspraken gemaakt. Onderdeel van deze afspraken is het creëren en onderhouden van voorlichtingsmateriaal, waarmee werkgevers en werknemers zich op de hoogte kunnen stellen van de voor hen relevante veiligheidsaspecten. Bekende voorbeelden van het instrumentenpakket zijn de ARBO Catalogus Grafimedia en de daaraan verbonden digitale ARBO Risico-Inventarisatie & Evaluatie (kortweg ARBO RI&E), een internetapplicatie die erkend is (op RIE.nl) door het ministerie van SZW.

 

 

Uit praktijkervaringen blijkt dat nog veel MKB-bedrijven nog in onvoldoende mate gebruik maken van specifieke branche-informatie. De vertaalslag van ‘denken naar doen’ is blijkbaar toch moeilijker dan in de eerste instantie werd gedacht. De sociale partners hebben afgesproken dat er een paritaire voorlichting dient plaats te vinden over het gebruik van oplosmiddelen als bijdrage aan de bewustwording en het wegwerken van de kennisachterstand. Er zal er een strategie moeten worden ontwikkeld om weerstand en/of andere belemmeringen weg te halen bij werkgevers en werknemers en hen te stimuleren om meer werk te maken van oplosmiddelvrij werken. Om het voor de sociale partners mogelijk te maken om nieuw beleid ten aanzien van oplosmiddelengebruik te gaan opstellen, zijn reeds twee deelprojecten afgerond: een deskresearch naar de huidige status van de inzet van oplosmiddelen binnen de branche (en de ons omringende landen) en een bedrijfstakbrede enquête onder werkgevers en werknemers om de attitude rond oplosmiddelen binnen de sector in kaart te brengen. 

Doelstelling van het project

De doelstelling van het project is enerzijds de bewustwording vergroten bij werkgevers en werknemers in de sector over het werken met oplosmiddelen en gevaarlijke stoffen in het algemeen en anderzijds bedrijven in beweging brengen om nog sneller over te stappen naar minder schadelijke alternatieven. 

Op veel VGW-gebieden heeft de sector veel bereikt. Machines zijn veiliger geworden om mee te werken en de werkvloer is dusdanig ingericht dan onnodige handelingen met het bewegingsapparaat worden voorkomen. Op het gebied van omgang met gevaarlijke stoffen moet het positieve beeld van de sector echter enigszins worden bijgesteld, omdat op basis van recentelijk bedrijfstakonderzoek is gebleken dat de houding ten aanzien van de inzet van oplosmiddelen in veel gevallen nog niet goed te noemen was. Er kon een duidelijke scheidslijn waargenomen worden tussen de uitgevoerde verbeteracties door de voorlopers van de sector en de achterblijvers. 

Binnen de Arbeidshygiënische strategie is bepaald dat de VGW-problematiek (Veilig en Gezond Werken) zo veel mogelijk bij de bron moet worden aangepakt. Dus is het logisch dat je daar waar mogelijk gevaarlijke grond- en hulpstoffen vervangt door minder- of zelfs niet-gevaarlijke alternatieven.

Ondersteuning door de overheid

Het ministerie van SZW is het Programma Zelfregulering Gezond en Veilig Werken gestart. Dit programma inspireert en ondersteunt branches en bedrijven bij het zelf organiseren van gezond en veilig werken. Vanuit dit programma wordt de campagne Stofwisseling ondersteund.

Zelfregulering

Pure zelfregulering is een alternatief voor regulering via de overheid. Uit onderzoek blijkt dat deze vorm van zelfregulering zelden voorkomt. Binnen het programma gaat zelfregulering dan ook om invulling geven aan de eigen verantwoordelijkheid van werkgevers en werknemers voor gezond en veilig werken in aanvulling op regulering door de overheid.

Van Compliance naar Participatie

Een duurzame aanpak voor gezond en veilig werken is in de ogen van het Programma een integrale aanpak gericht op zowel compliance (werken in overeenstemming met de geldende wet- en regelgeving) als ook participatie. Dat betekent dat een bedrijf zowel voldoet aan de wet- en regelgeving, gebruik maakt van inzet van technische middelen, organisatie en governance inricht voor gezond en veilig werken, maar vooral ook aandacht besteed aan gedrag en borging van ‘het zelf organiseren’ van gezond en veilig werken in de bedrijfscultuur. Met dit laatste onderdeel beoogt het Programma het zelf organiseren van gezond en veilig werken te borgen in het bedrijf.
Het programma heeft deze visie vertaald in een raamwerk.


 
In het zelf organiseren van gezond en veilig werken komt een combinatie van diverse aspecten aan bod. De wet- en regelgeving waar iedereen aan moet voldoen, de interne organisatie en governance die goed op orde moet zijn, de beschikbaarheid van middelen en techniek en vooral aandacht voor cultuur en gedrag. Pas als deze puzzelstukjes in elkaar vallen is het mogelijk gezond en veilig werken op de werkvloer daadwerkelijk te borgen in de bedrijfscultuur.

Speciale website gezondenveiligwerkt.nl

Voor het programma is een special website in het leven geroepen waar u de voordelen van het zelf organiseren van gezond en veilig werken terug kunt vinden: www.gezondenveiligwerkt.nl. Hier kunt u zich laten inspireren door goede praktijkvoorbeelden, het uitwisselingsprogramma volgen en zelf aan de slag gaan.